top of page

Wat eenzaamheid met je lichaam doet

12 minuten geleden
5 minuten om te lezen

Over verbondenheid, genactiviteit en je immuunsysteem


Je agenda staat vol. Op je werk spreek je de hele dag mensen en je telefoon blijft berichten ontvangen. Toch mis je iemand bij wie je kunt vertellen hoe het écht met je gaat. Zonder het mooier te maken. Zonder meteen een oplossing aangereikt te krijgen.

Ook dat kan eenzaamheid zijn. En juist doordat je leven er van buitenaf sociaal uitziet, blijft die soms onopgemerkt.


Van 24 tot en met 30 september is de Week tegen Eenzaamheid. Een aanleiding om stil te staan bij wat verbondenheid voor ons betekent. Ook lichamelijk. Onderzoekers vinden verbanden tussen langdurige eenzaamheid, de activiteit van genen in afweercellen en eiwitten in het bloed. Hoe kan een sociale ervaring zo ver doorwerken? [1–4]



Alleen zijn is niet hetzelfde als eenzaamheid

Een middag alleen wandelen, lezen of rommelen in huis kan heerlijk zijn. Je hoeft even met niemand rekening te houden. Wie bewust voor dat moment kiest en zich verbonden weet met anderen, hoeft helemaal geen eenzaamheid te ervaren.


Eenzaamheid gaat over een gemis. De relaties die je hebt, sluiten onvoldoende aan bij de verbondenheid waarnaar je verlangt. Misschien mis je mensen om iets mee te ondernemen. Misschien heb je genoeg gezelschap, maar ontbreekt een vertrouwensband. Dat kan ook binnen een relatie of gezin. [5]


Sociale isolatie gaat over feitelijk weinig contact hebben. Eenzaamheid beschrijft hoe je jouw contacten ervaart. Die twee kunnen samengaan, maar dat hoeft niet. Een volle agenda vertelt dus weinig over hoe gezien iemand zich voelt.



Waarom ons lichaam gevoelig is voor verbinding

Vanuit evolutionair perspectief is die gevoeligheid begrijpelijk. Mensen waren voor bescherming, voedsel en de zorg voor kinderen op elkaar aangewezen. Verbinding met anderen had overlevingswaarde. De gedachte dat een ervaren gebrek aan steun onze waakzaamheid verhoogt, past bij die achtergrond. Het is een verklaringsmodel, geen bewijs voor wat er bij ieder individu gebeurt.


Onderzoek koppelt langdurige eenzaamheid aan veranderingen in ons stresssysteem. Via zenuwsignalen en hormonen kunnen die systemen ook afweercellen beïnvloeden. Zo ontstaat een mogelijke biologische verbinding tussen een sociale ervaring en de werking van het immuunsysteem. [3,4]



Wat verandert er in de afweer

In een onderzoek onder 141 oudere volwassenen vonden wetenschappers bij eenzaamheid een patroon van veranderde genactiviteit in witte bloedcellen. Genen betrokken bij ontstekingsreacties waren actiever, terwijl bepaalde genen voor de afweer tegen virussen minder actief waren. Dit patroon zou je een biologische reactie op ongunstige omstandigheden kunnen noemen. [3]


Echter, meer ontstekingsactiviteit betekent niet automatisch een betere afweer. Verschillende onderdelen kunnen anders worden afgesteld. Aanvullend onderzoek bij resusapen wees op een rol voor het sympathische zenuwstelsel, dat betrokken is bij alertheid, en zorgt voor veranderingen in de samenstelling van afweercellen. [3]


Ook de reactie op cortisol kan meespelen. Dit hormoon helpt normaal gesproken ontstekingsreacties te begrenzen. Een kleine vroege studie bij mensen vond aanwijzingen voor minder activiteit van die remmende signaalroute. Dat is iets anders dan simpelweg zeggen dat eenzame mensen “te veel cortisol” hebben. Het gaat dus ook om hoe cellen op een signaal reageren. [4]


Deze studies helpen een mechanisme te begrijpen. Ze voorspellen niet hoe jouw afweer werkt als jij je eenzaam voelt. Bovendien kunnen dierproeven niet één op één naar mensen worden vertaald.



En waar past epigenetica in dit verhaal

Epigenetica gaat over veranderingen die beïnvloeden hoe cellen hun DNA gebruiken, zonder dat de DNA-code zelf verandert. Vergelijk je DNA met een kookboek. De recepten blijven hetzelfde, maar markeringen kunnen helpen bepalen welke recepten een cel gemakkelijk kan gebruiken en welke minder toegankelijk zijn.


In je lichaam gaat het bijvoorbeeld om kleine chemische markeringen op het DNA. Ook de verpakking van het DNA kan veranderen. DNA zit gewikkeld rond eiwitten.


Veranderingen aan die eiwitten kunnen ervoor zorgen dat bepaalde stukken DNA makkelijker of moeilijker worden afgelezen. Zo kan een cel sommige instructies meer gebruiken en andere minder. [6]


Omgevingsinvloeden kunnen zulke epigenetische markeringen beïnvloeden. Epigenetica is daarmee één van de manieren waarop omstandigheden kunnen doorwerken in het functioneren van cellen. Het betekent niet dat je DNA-code wordt herschreven of dat elke verandering blijvend is. [6]


Hoe past eenzaamheid hierin? Onderzoekers vinden verbanden met de activiteit van genen in afweercellen. Deze veranderde genactiviteit is op zichzelf nog geen bewijs voor een epigenetische verandering. Ook tijdelijke stresssignalen of een andere samenstelling van afweercellen kunnen het gemeten patroon beïnvloeden. [3,4]


In de vergelijking met het kookboek: zien dat andere recepten worden gebruikt, vertelt nog niet waardoor dat komt. De hier besproken studies tonen dus niet aan dat eenzaamheid via epigenetische veranderingen ziekte veroorzaakt. Ze helpen wel begrijpen hoe sociale ervaringen kunnen samenhangen met processen in ons lichaam.



Wat onderzoekers in het bloed terugvinden

Scientias besprak in januari 2025 een studie in Nature Human Behaviour met gegevens van 42.062 volwassenen uit de UK Biobank. Onderzoekers vonden 175 bloedeiwitten die samenhingen met sociale isolatie en 26 met eenzaamheid, met veel overlap. Verschillende eiwitten waren betrokken bij ontsteking en afweer. [2,7]


Een aanvullende genetische analysemethode, Mendeliaanse randomisatie, leverde aanwijzingen dat eenzaamheid de hoeveelheid van vijf eiwitten kan beïnvloeden. Daaronder waren ADM en ASGR1. Sommige van deze eiwitten hingen ook samen met latere hart- en vaatziekten, beroertes en overlijden. [2]


Dat geeft aanknopingspunten voor mogelijke biologische routes. De methode berust wel op aannames en bewijst niet dat ieder gevonden eiwit ziekte veroorzaakt. Dit was ook geen onderzoek waarin het verminderen van eenzaamheid aantoonbaar ziekten voorkwam. En het betrof eiwitonderzoek, geen directe meting van epigenetische veranderingen.



Gezondheid en contact beïnvloeden elkaar

Het verhaal loopt bovendien in meerdere richtingen. Als pijn of vermoeidheid het lastig maakt om af te spreken, kan je sociale wereld kleiner worden. Wie zich alleen voelt, kan op zijn beurt minder steun ervaren bij het omgaan met klachten. Ook leefgewoonten en omstandigheden spelen mee. Daarom kun je lichamelijke klachten niet zomaar aan eenzaamheid toeschrijven. [2,5]


Bij JoinTogether hoort bij de vraag 'hoe gaat het met je' ook de relatie met de mensen om je heen en vooral het gevoel van steun en verbinding. Naast bewegen en leefstijl is er ruimte voor wat je draagt, wat je mist en bij wie je terechtkunt.



Een eerste stap hoeft niet groot te zijn

“Ga gewoon meer onder de mensen” is vaak een te makkelijk advies. Het helpt om eerst te verkennen wat je mist. Gezelschap? Een vertrouwelijk gesprek? Ergens bij horen? Het antwoord kan richting geven aan een volgende stap.


Maak een uitnodiging concreet. Vraag iemand of die donderdag een halfuur wil wandelen, in plaats van het bij “we moeten weer eens afspreken” te laten.


Kies iets dat bij je past en vaker terugkomt. Samen sporten, koken of vrijwilligerswerk kan gelegenheid geven om iemand geleidelijk te leren kennen.


Vertel een vertrouwd persoon iets over wat je mist. Je hoeft niet meteen je hele verhaal te delen.


Merk je dat iemand weinig aansluiting heeft? Vraag waar diegene behoefte aan heeft en blijf ook na deze week contact zoeken.


Deze ideeën zijn mogelijke beginpunten, geen opdracht om eenzaamheid zelf op te lossen. Als het gevoel aanhoudt of zwaar op je drukt, kun je steun zoeken bij je huisarts, een praktijkondersteuner of een welzijnsorganisatie. [5,8]


Misschien is deze week een aanleiding om iemand een andere vraag te stellen dan “Alles goed?”. Bijvoorbeeld: “Kun je momenteel echt je verhaal kwijt bij iemand?” En dan de tijd nemen voor het antwoord.



Referenties


  1. Eén tegen Eenzaamheid. Week tegen Eenzaamheid 2026. Campagneperiode 24 tot en met 30 september.

  2. Shen, C., Zhang, R., Yu, J., Sahakian, B. J., Cheng, W., & Feng, J. (2025). Plasma proteomic signatures of social isolation and loneliness associated with morbidity and mortality. Nature Human Behaviour, 9, 569–583.

  3. Cole, S. W., Capitanio, J. P., Chun, K., Arevalo, J. M. G., Ma, J., & Cacioppo, J. T. (2015). Myeloid differentiation architecture of leukocyte transcriptome dynamics in perceived social isolation. PNAS, 112(49), 15142–15147.

  4. Cole, S. W., Hawkley, L. C., Arevalo, J. M., Sung, C. Y., Rose, R. M., & Cacioppo, J. T. (2007). Social regulation of gene expression in human leukocytes. Genome Biology, 8, R189.

  5. Eén tegen Eenzaamheid. Alles over eenzaamheid.

  6. MedlinePlus Genetics. (2021). What is epigenetics? National Library of Medicine.

  7. Lammerse, V. (2025, 3 januari). Eenzaamheid gaat vaak hand in hand met een slechtere gezondheid – en dit is waarom. Scientias.

  8. Eén tegen Eenzaamheid. Wat kun je doen?


 
 
 

Opmerkingen


© 2020 by JoinTogether

  • Facebook Basic Black
  • LinkedIn Basic Black
bottom of page