top of page

Eindelijk vakantie... en dan wordt je ziek



Waarom je lichaam soms pas op de rem trapt zodra jij eindelijk stopt


Je hebt wekenlang naar je vakantie toegeleefd.


Op het werk moesten nog allerlei zaken worden afgerond. De overdracht moest kloppen, de laatste e-mails moesten eruit en thuis wachtten de koffers. Je voelde je waarschijnlijk al vermoeid, toch bleef je functioneren.


Nog even volhouden. Straks heb ik vakantie.


En dan is het eindelijk zover.


De eerste dag ben je nog wat onrustig. Een dag later word je wakker met loodzware benen, hoofdpijn of een zere keel. Soms voelt het alsof iemand plotseling de stekker eruit heeft getrokken.


Hoe kan het dat vermoeidheid juist voelbaar wordt wanneer de druk afneemt? En waarom worden sommige mensen uitgerekend ziek tijdens hun weekend of aan het begin van hun vakantie?


Waarschijnlijk spelen verschillende processen tegelijk een rol. Denk aan de stressas, het autonome zenuwstelsel, het immuunsysteem, slaap en de manier waarop het lichaam zich gedurende langere tijd aan belasting heeft aangepast.



Stress helpt ons om tijdelijk te presteren


Stress heeft vaak een negatieve bijklank. Een gezonde stressreactie is echter essentieel om met uitdagingen om te kunnen gaan.


Wanneer je brein inschat dat een situatie extra inzet vraagt, worden onder andere twee systemen actief:

  • het sympathische zenuwstelsel;

  • de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as, meestal afgekort tot de HPA-as.


Via deze systemen komen stressmediatoren vrij, waaronder adrenaline, noradrenaline en cortisol.


Deze stoffen maken het mogelijk om tijdelijk scherper en doelgerichter te functioneren. De hartslag stijgt, energie wordt beschikbaar gemaakt en de aandacht richt zich sterker op de taak die voor je ligt.


Ook het immuunsysteem reageert op acute stress. Bepaalde afweercellen worden tijdelijk anders over het lichaam verdeeld. Vanuit evolutionair perspectief is dat logisch: dreiging ging vroeger geregeld samen met een verhoogde kans op verwonding of infectie. Een kortdurende stressreactie kan de immuunsurveillance daardoor tijdelijk aanscherpen (Dhabhar, 2014).


Na de inspanning hoort het systeem weer terug te schakelen. Juist die overgang naar herstel komt tijdens langdurige druk steeds meer in het gedrang.



Wanneer tijdelijke aanpassing een langdurige toestand wordt


Een drukke week hoeft geen probleem te zijn. Het menselijk lichaam kan tijdelijk veel opvangen.


De situatie verandert wanneer werkdruk, emotionele belasting, zorgen, slaaptekort en voortdurende mentale activiteit elkaar weken of maanden blijven opvolgen.


Het lichaam past zich dan steeds opnieuw aan. Energie wordt verschoven, hormonale signalen veranderen en herstelprocessen krijgen minder ruimte. De optelsom van deze biologische aanpassingen wordt aangeduid als allostatische belasting.


Allostatische belasting gaat verder dan één hormoon of één orgaan. Het betreft de gezamenlijke belasting van onder andere:

  • het zenuwstelsel;

  • de hormoonhuishouding;

  • het immuunsysteem;

  • de stofwisseling;

  • het hart- en vaatstelsel.


Een langdurig verhoogde allostatische belasting hangt samen met ongunstige lichamelijke en psychische gezondheidsuitkomsten (Guidi et al., 2021).


Langdurige stress betekent overigens niet automatisch dat het cortisolgehalte voortdurend verhoogd is. Bij de ene persoon blijft cortisol langer hoog, terwijl bij een ander het dag-nachtritme afvlakt of de respons juist minder krachtig wordt.


De kern ligt vooral in een verlies aan flexibiliteit. Het systeem schakelt minder soepel tussen activering en herstel.



Cortisol en het immuunsysteem


Cortisol heeft onder normale omstandigheden een belangrijke regulerende functie. Het helpt om ontstekingsreacties af te remmen en voorkomt dat een immuunreactie onnodig lang doorgaat.


Bij langdurige stress kunnen immuuncellen minder gevoelig worden voor het signaal van cortisol. Dit wordt glucocorticoïdreceptorresistentie genoemd.


Hierdoor kan een paradoxale situatie ontstaan:

  • bepaalde afweerreacties verlopen minder efficiënt;

  • ontstekingsprocessen worden minder goed begrensd;

  • het immuunsysteem reageert minder nauwkeurig op dreiging;

  • ontstekingssignalen kunnen langer actief blijven.


Chronische stress hangt daardoor samen met een minder goed gereguleerde ontstekingsreactie. In experimenteel onderzoek bleek deze verminderde gevoeligheid voor glucocorticoïden samen te hangen met een grotere kans op verkoudheidsklachten na blootstelling aan een virus (Cohen et al., 2012).


Het immuunsysteem raakt bij langdurige stress dus vooral minder goed afgestemd. Sommige onderdelen worden geremd, andere onderdelen blijven juist onnodig actief.



Waarom voel je de vermoeidheid pas wanneer je stopt?


Tijdens een intensieve werkperiode is het lichaam gericht op functioneren.

Je staat op tijd op, neemt beslissingen, helpt anderen, lost problemen op en werkt naar deadlines toe. De activering van het sympathische zenuwstelsel ondersteunt alertheid en taakgericht gedrag.


De vermoeidheid kan op dat moment al aanwezig zijn. Door de aanhoudende activering en de sterke focus op wat er moet gebeuren, blijft zij deels op de achtergrond.

Wanneer de verplichtingen wegvallen, neemt de noodzaak om jezelf voortdurend te activeren af. De wekker hoeft niet meer, de laptop blijft dicht en de buitenwereld vraagt plotseling minder van je.


Dan wordt voelbaar wat zich mogelijk al langere tijd heeft opgebouwd:

  • slaaptekort;

  • fysieke vermoeidheid;

  • mentale uitputting;

  • spierpijn of hoofdpijn;

  • emotionele spanning;

  • een infectie die zich al aan het ontwikkelen was.


Soms wordt in dit verband gesproken over een cortisolcrash. Die term suggereert een plotselinge hormonale instorting en is wetenschappelijk te simplistisch.


Een waarschijnlijkere verklaring is dat de taakgerichte activering afneemt en lichamelijke signalen daardoor meer ruimte krijgen. Je voelt op dat moment beter hoeveel herstel je eigenlijk nodig hebt.



De rol van het immuunsysteem bij dat uitgeputte gevoel


Wanneer het immuunsysteem een infectie detecteert, maakt het signaalstoffen aan die cytokinen worden genoemd.


Deze cytokinen communiceren met de hersenen. Daardoor kunnen typische ziekteverschijnselen ontstaan:

  • vermoeidheid;

  • slaperigheid;

  • minder eetlust;

  • spierpijn;

  • concentratieproblemen;

  • minder behoefte aan sociale activiteit.


Dit patroon wordt sickness behaviour, oftewel ziektegedrag, genoemd. Het is een biologisch georganiseerd herstelprogramma waarbij activiteit wordt teruggebracht en energie beschikbaar blijft voor afweer en weefselherstel (Kelley et al., 2003).


Wanneer je vlak voor je vakantie besmet raakt, kan het virus zich nog in de incubatiefase bevinden. Klachten zijn dan nog afwezig of nauwelijks merkbaar.


Een paar dagen later neemt de immuunreactie toe. De bijbehorende symptomen worden sterker en vallen toevallig samen met het begin van de vakantie.


De ontspanning heeft de infectie in zo’n situatie niet veroorzaakt. Het ziekteproces was al eerder begonnen.



Maakt langdurige stress je vatbaarder voor verkoudheid?


Er zijn duidelijke aanwijzingen dat langdurige psychologische stress de vatbaarheid voor luchtweginfecties kan vergroten.


In klassieke virus-challengestudies werden gezonde proefpersonen blootgesteld aan verkoudheidsvirussen. De deelnemers met meer psychologische stress ontwikkelden vaker een infectie en vaker klinische verkoudheidsklachten (Cohen et al., 1991).

Vooral langdurige stressoren bleken relevant, waaronder aanhoudende problemen op het gebied van werk, relaties en bestaanszekerheid (Cohen et al., 1998).


Slaap vormt hierbij waarschijnlijk een belangrijke schakel. Mensen die in de weken vóór blootstelling aan een virus korter of minder efficiënt sliepen, hadden een grotere kans om daadwerkelijk verkouden te worden (Prather et al., 2015).


De periode voor een vakantie bevat vaak precies deze combinatie:

meer werkdruk → later naar bed → minder herstel → slechter gereguleerde afweer → grotere vatbaarheid voor infecties.


Daar komen tijdens het reizen soms nog extra factoren bij, zoals drukke luchthavens, veel sociale contacten, een afwijkend dagritme, airconditioning en slaapverstoring.



Leisure sickness: bestaat vakantieziekte echt?


Voor het verschijnsel waarbij mensen vooral tijdens weekenden of vakanties klachten ervaren, wordt de term leisure sickness gebruikt.


In een Nederlandse pilotstudie rapporteerde een kleine groep mensen regelmatig klachten tijdens vrije dagen. Vermoeidheid, hoofdpijn, spierpijn, misselijkheid en verkoudheidsachtige symptomen werden het vaakst genoemd. Veel deelnemers herkenden een periode van verhoogde stress voorafgaand aan de klachten (Vingerhoets et al., 2002).


De wetenschappelijke onderbouwing van leisure sickness is nog beperkt. Het gaat ook niet om een officiële medische diagnose. De term beschrijft vooral een herkenbaar patroon dat waarschijnlijk door verschillende processen wordt veroorzaakt.


Mogelijke verklaringen zijn:

  • verhoogde vatbaarheid tijdens de voorafgaande stressperiode;

  • slaaptekort en onvoldoende herstel;

  • een infectie die al vóór vertrek is opgelopen;

  • afname van taakgerichte activering;

  • veranderingen in dagritme en eetpatroon;

  • meer aandacht voor lichamelijke signalen;

  • nieuwe blootstelling tijdens de reis.



Overzichtsinfographic. Hoe komt het dat je tijdens vakantie moe of ziek wordt.
Overzichtsinfographic. Hoe komt het dat je tijdens vakantie moe of ziek wordt.


Rust is geen gezondheidsrisico


Vakantie veroorzaakt geen virus. Ontspanning verzwakt je immuunsysteem evenmin.


Vermoeidheid tijdens de eerste vakantiedagen kan erop wijzen dat het lichaam eindelijk ruimte krijgt om een opgebouwde herstelbehoefte voelbaar te maken.


Vermoeidheid is dan ook niet uitsluitend een klacht die zo snel mogelijk moet verdwijnen. Ze kan waardevolle informatie geven:


De belasting in de weken hiervoor was waarschijnlijk hoger dan je besefte.


Wie maandenlang op hoge snelheid heeft geleefd, schakelt zelden binnen enkele uren over naar volledige ontspanning. Het zenuwstelsel heeft tijd nodig om opnieuw een rustiger ritme te vinden.



Zo voorkom je dat vakantie de noodrem wordt


Bouw de laatste werkdagen geleidelijk af

Probeer belangrijke zaken enkele dagen eerder af te ronden. Een volledig lege agenda is vaak onrealistisch, al kan een rustiger laatste dag de overgang verzachten.


Houd de eerste vakantiedagen relatief open

Een vroege vlucht, lange autorit en een vol excursieprogramma vragen opnieuw veel van het systeem.


Enige ruimte in de planning helpt om fysiek en mentaal te landen.


Bescherm je slaap

Houd de eerste dagen een herkenbaar ritme aan. Zoek overdag buitenlicht op en geef slaap prioriteit.


Na een intensieve periode is slaap geen verloren vakantietijd. Het is noodzakelijk biologisch onderhoud.


Blijf rustig bewegen

Wandelen, zwemmen of fietsen ondersteunen de regulatie van het zenuwstelsel en de stofwisseling.


Maak van bewegen geen nieuw prestatieproject. De overgang naar herstel vraagt vaak om een lagere intensiteit.


Geef je spijsvertering enige voorspelbaarheid

Vakantie biedt ruimte voor genieten. Grote hoeveelheden alcohol, zware maaltijden en voortdurend snacken kunnen de slaapkwaliteit en energieregulatie extra belasten.

Een zekere regelmaat helpt het lichaam om zich aan de nieuwe omgeving aan te passen.


Sta jezelf toe om moe te zijn

Twee dagen langer slapen hoeft geen verspilde vakantie te zijn.

Misschien is het precies het herstel waar je lichaam al weken om vroeg.




Tot slot


Plotselinge vermoeidheid of ziekte aan het begin van een vakantie ontstaat meestal door een combinatie van factoren.


Langdurige stress kan de afstemming tussen de HPA-as, het autonome zenuwstelsel en het immuunsysteem verstoren. Slaaptekort vergroot die kwetsbaarheid. Zodra de externe druk afneemt, worden opgebouwde vermoeidheid en beginnende ziekteverschijnselen beter voelbaar.


De vraag is daarom wellicht:

Waarom kreeg mijn lichaam pas tijdens de vakantie voldoende ruimte om te stoppen?


Duurzaam herstel begint idealiter al in de weken vóór vertrek. Door regelmatig korte herstelmomenten in te bouwen, hoeft vakantie minder vaak als biologische noodrem te functioneren.


Dan wordt vakantie werkelijk vrije tijd.



Wanneer is verder onderzoek verstandig?


Een paar dagen vermoeidheid aan het begin van een vakantie hoeft geen reden tot bezorgdheid te zijn.


Neem contact op met een arts bij:

  • hoge of aanhoudende koorts;

  • ernstige benauwdheid;

  • pijn op de borst;

  • sufheid;

  • duidelijke lichamelijke achteruitgang.


Blijft de vermoeidheid ook na de vakantie aanwezig, of keert dit patroon steeds terug? Dan is het zinvol om breder te kijken naar slaap, stressbelasting, medicatie, leefstijl en eventuele medische oorzaken.





Referenties


  • Cohen, S., Frank, E., Doyle, W. J., Skoner, D. P., Rabin, B. S., & Gwaltney, J. M. (1998). Types of stressors that increase susceptibility to the common cold in healthy adults. Health Psychology, 17(3), 214–223.

  • Cohen, S., Janicki-Deverts, D., Doyle, W. J., Miller, G. E., Frank, E., Rabin, B. S., & Turner, R. B. (2012). Chronic stress, glucocorticoid receptor resistance, inflammation, and disease risk. Proceedings of the National Academy of Sciences, 109(16), 5995–5999.

  • Cohen, S., Tyrrell, D. A. J., & Smith, A. P. (1991). Psychological stress and susceptibility to the common cold. The New England Journal of Medicine, 325(9), 606–612.

  • Dhabhar, F. S. (2014). Effects of stress on immune function: The good, the bad, and the beautiful. Immunologic Research, 58, 193–210.

  • Guidi, J., Lucente, M., Sonino, N., & Fava, G. A. (2021). Allostatic load and its impact on health: A systematic review. Psychotherapy and Psychosomatics, 90(1), 11–27.

  • Kelley, K. W., Bluthé, R. M., Dantzer, R., Zhou, J. H., Shen, W. H., Johnson, R. W., & Broussard, S. R. (2003). Cytokine-induced sickness behavior. Brain, Behavior, and Immunity, 17(Suppl. 1), S112–S118.

  • Prather, A. A., Janicki-Deverts, D., Hall, M. H., & Cohen, S. (2015). Behaviorally assessed sleep and susceptibility to the common cold. Sleep, 38(9), 1353–1359.

  • Vingerhoets, A. J. J. M., Van Huijgevoort, M., & Van Heck, G. L. (2002). Leisure sickness: A pilot study on its prevalence, phenomenology, and background. Psychotherapy and Psychosomatics, 71(6), 311–317.

 
 
 

Opmerkingen


© 2020 by JoinTogether

  • Facebook Basic Black
  • LinkedIn Basic Black
bottom of page